Wout van Aert heeft zowat alles gewonnen wat een wielrenner kan dromen, maar één grote prijs ontbreekt voorlopig nog op zijn palmares: de wereldtitel op de weg. Als de komende WK-parcoursen onder de loep worden genomen, zou hij daar mogelijk nog enkele jaren geduld voor moeten hebben. Van Aert hoeft zich over zijn toekomst bij Visma | Lease a Bike alvast weinig zorgen te maken. In 2024 verlengde hij zijn contract namelijk tot het einde van zijn actieve loopbaan. Wanneer dat einde precies komt, ligt nog niet vast.
Ploegbaas Richard Plugge maakte eerder duidelijk dat Van Aert niet aan een vaste einddatum gebonden is. “Wout blijft tot het einde van zijn carrière bij ons. Wanneer dat is, zullen we zien”, zei Plugge daarover. Jaarlijks wordt dus bekeken hoe Van Aert en zijn ploeg verder willen. Dat kan belangrijk worden, want vooral één toekomstige WK-editie lijkt op papier bijzonder interessant voor de Belg.
2027 lijkt bijzonder zwaar
In 2027 vindt het WK plaats in het Franse Haute-Savoie. De elitewedstrijd in Sallanches-Domancy wordt volgens de huidige plannen bijzonder lastig: twintig ronden van 13,3 kilometer, goed voor ongeveer 265 kilometer en liefst 5.700 hoogtemeters. Met de Côte de Domancy — 2,5 kilometer aan gemiddeld 9,4 procent — als belangrijke scherprechter lijkt dat parcours vooral gemaakt voor sterke klimmers. Voor Van Aert zou het daardoor op papier een bijzonder zware opdracht worden.
In 2028 krijgen sprinters hun kans
Een jaar later ziet het plaatje er helemaal anders uit. Het WK trekt dan naar Abu Dhabi en daar wordt bewust voor een veel vlakker parcours gekozen. “Het wordt absoluut een WK voor sprinters”, verklaarde UCI-directeur Peter van den Abeele. Dat kan kansen bieden aan snelle renners, al is Van Aert natuurlijk meer dan alleen een sprinter. Hoe interessant dat parcours voor hem werkelijk wordt, zal sterk afhangen van het definitieve traject en het koersverloop.
Wind kan in 2029 een rol spelen
In 2029 verhuist het wereldkampioenschap naar Denemarken. Daar wordt een relatief vlakke maar mogelijk bijzonder winderige wedstrijd verwacht, met onder meer starts in Helsingør en Roskilde en een finish in Kopenhagen. Een koers met waaiers en veel wind zou Van Aert kunnen liggen. Tegelijkertijd krijgen op zo'n parcours ook pure sprinters mogelijk een grote kans.
Dan komt Brussel
Vooral 2030 springt eruit. Dat jaar wordt het WK in Brussel georganiseerd, waardoor Van Aert mogelijk in eigen land nog eens een uitgelezen kans krijgt om achter die ontbrekende regenboogtrui aan te gaan. Het definitieve parcours is nog niet bekend, maar volgens UCI-voorzitter David Lappartient moet het geen volledig vlak WK worden. Tegelijk zou het ook minder zwaar zijn dan bijvoorbeeld Montréal of Haute-Savoie.
Het idee is eerder een wedstrijd in de stijl van een echte Flandrien-koers, met kenmerken die doen denken aan de Ronde van Vlaanderen. Dat type parcours zou op papier bijzonder interessant kunnen zijn voor Van Aert. Kracht, snelheid, ervaring en koersinzicht zouden er allemaal een rol kunnen spelen.
Als Van Aert zijn carrière tot dan voortzet, zal hij 36 jaar zijn. Een wereldtitel in Brussel zou bovendien extra symbolisch zijn: het kampioenschap valt samen met de festiviteiten rond het 200-jarige bestaan van België. Of Van Aert effectief tot 2030 blijft koersen, staat uiteraard nog niet vast. Maar als hij die ontbrekende wereldtitel op de weg nog wil najagen, lijkt dat jaar nu al een datum om met rood aan te kruisen.