Terwijl Tadej Pogacar de mannenwedstrijd van de Strade
Bianche domineerde en Elise Chabbey verrassend de vrouwenkoers won, viel vooral
het beperkte Belgische resultaat bij de vrouwen op. Bij de mannen zorgden
Gianni Vermeersch (5e), Wout van Aert (10e) en Mauri Vansevenant (15e) nog voor
sterke prestaties. In de vrouwenwedstrijd was dat een ander verhaal.
Beste Belgische pas 21ste
De beste Belgische in Siena was Justine Ghekiere, die op
meer dan zes minuten van winnares Elise Chabbey als 21ste finishte. Lotte
Kopecky, die de koers in 2024 en 2022 nog wist te winnen, eindigde pas op plaats
30, met een achterstand van iets meer dan zeven minuten. Dat zorgde voor heel
wat vragen over haar huidige vorm.
“Ze moet vooral naar zichzelf kijken”
Tijdens de nabeschouwing bij Sporza bespraken Ruben Van
Gucht en Ine Beyen het opvallende resultaat van Kopecky. “Lotte Kopecky moest
van ver passen. Welke conclusie trek jij daaruit?”, vroeg Van Gucht. Volgens
Beyen is het voorlopig nog te vroeg voor harde conclusies. “Het was een beetje
koffiedik kijken hoe ze het zou doen. We hadden geen referentie. Maar ik denk
dat ze vooral even naar zichzelf moet kijken.” (lees verder onder de afbeelding)
Nog geen reden tot paniek
Beyen wil de prestaties van Kopecky voorlopig als een
eenmalig incident bekijken. “Ik geef haar nog het voordeel van de twijfel”, zei
ze. “Maar dit mag geen twee keer na elkaar gebeuren.” De volgende wedstrijd, Trofeo
Binda, zal volgens Beyen veel duidelijk maken. “Daar zal ze zich moeten
herpakken. Daar moet ze de Kopecky zijn die we van haar kennen.” Ook Van Gucht
ziet die koers als een belangrijk moment. “Als het daar goed gaat, is er geen
man overboord. Maar als het daar opnieuw fout loopt, dan is het voorjaar
misschien al gehypothekeerd.”
(Intro-afbeelding: screen grabs YouTube)