Lorena Wiebes blijft het vrouwenpeloton haar wil opleggen. De Nederlandse won in Genève ook de tweede rit van de
Tour de France Femmes en boekte zo haar tweede overwinning in evenveel dagen. Bij Sporza leidde haar zoveelste machtsvertoon tot een opvallende discussie.
Ruben Van Gucht en Ine Beyen zien het vrouwenwielrennen in de breedte groeien, maar merken één duidelijke lacune op: Wiebes heeft in de massasprints nauwelijks een gelijkwaardige tegenstander. Van Gucht kwam daarom met een opvallende oproep: “Sprinters gezocht voor binnen afzienbare tijd.”
Lorena Wiebes boekt tweede Tourzege op rij
Wiebes begon de Tour de France Femmes met een overwinning op de oplopende aankomst in Lausanne. Een dag later was ze opnieuw de snelste, ditmaal na een traditionele massasprint in Genève.
De renster van SD Worx-Protime versloeg Elisa Balsamo en Marianne Vos overtuigend. Het was haar zevende ritzege in de Tour de France Femmes en haar eerste overwinning terwijl ze de gele trui droeg. Na twee etappes stond Wiebes bovendien veertien seconden voor op Kimberley Le Court-Pienaar.
Opvallend was opnieuw de manier waarop Wiebes won. In de laatste kilometer haalde ze volgens de officiële wedstrijdgegevens een gemiddelde snelheid van 63,2 kilometer per uur.
Ruben Van Gucht ziet probleem in vrouwenwielrennen
Na de tweede Tourrit besprak Ruben Van Gucht bij Sporza de ontwikkeling van het vrouwenwielrennen. Volgens de presentator wordt het niveau steeds breder en kunnen meer rensters en ploegen zich op verschillende terreinen met de wereldtop meten.
In de sprint ziet hij die ontwikkeling echter veel minder. Wiebes steekt momenteel zo ver boven de rest uit dat er zelden sprake is van een spannend duel om de overwinning.
Van Gucht vindt dan ook dat het vrouwenpeloton behoefte heeft aan een sprintster die Wiebes structureel kan bedreigen. Niet alleen om de uitslagen minder voorspelbaar te maken, maar ook om de Nederlandse zelf tot een nog hoger niveau te dwingen.
Ine Beyen mist echte concurrente voor Wiebes
Ine Beyen sloot zich aan bij de analyse van Van Gucht. De voormalige wielrenster denkt dat een gelijkwaardige rivale de massasprints aantrekkelijker zou maken.
Een echte tweestrijd kan bovendien invloed hebben op de tactiek van de ploegen. Wanneer meerdere formaties overtuigd zijn dat hun sprintster kan winnen, moeten zij verantwoordelijkheid nemen in de achtervolging en de voorbereiding op de finale.
Volgens Beyen was SD Worx-Protime in de tweede etappe de enige ploeg die de koers nadrukkelijk controleerde met het oog op een sprint. De ploeg moest lang achter Riejanne Markus aan, die op ongeveer 39 kilometer van de finish alleen wegreed en pas in de laatste 500 meter werd ingerekend.
“We gaan een vacature online zetten”
Van Gucht sloot de discussie met een opvallende en humoristische oproep af. “We gaan een vacature online zetten”, verklaarde hij. “Sprinters gezocht voor binnen afzienbare tijd.”
De presentator wees er tegelijkertijd op dat ook de heerschappij van Wiebes ooit zal eindigen. De Nederlandse is met haar 27 jaar echter nog lang niet aan het einde van haar loopbaan. Haar contract bij SD Worx-Protime loopt bovendien tot eind 2028.
Elisa Balsamo komt nog het dichtst in de buurt
Helemaal zonder concurrentie is Wiebes uiteraard niet. Rensters als Elisa Balsamo, Marianne Vos en Charlotte Kool hebben bewezen dat ze grote wedstrijden en massasprints kunnen winnen.
Vooral Balsamo kruiste door de jaren heen vaak de degens met Wiebes. De twee eindigden al 36 keer samen op de eerste twee plaatsen van een wedstrijd. In dertig van die confrontaties trok Wiebes aan het langste eind, tegenover zes overwinningen voor Balsamo.
Charlotte Kool eindigde op haar beurt al vijftien keer als tweede achter Wiebes. Die cijfers onderstrepen waarom Van Gucht en Beyen vinden dat de Nederlandse momenteel een klasse apart is.
Wiebes stapelt overwinningen op in 2026
Wiebes is ook dit seizoen moeilijk af te stoppen. In aanloop naar de Tour won ze onder meer de Copenhagen Sprint en domineerde ze de Ronde van Polen. Daar won ze alle drie de etappes én het eindklassement.
In de Tour trok ze die indrukwekkende reeks gewoon door. Na twee dagen had ze zowel de gele als de groene trui stevig in handen. Met 111 punten stond ze na de rit naar Genève al ver voor op haar eerste achtervolgers in het puntenklassement.
Een derde opeenvolgende overwinning wordt een stuk moeilijker. De derde etappe van Genève naar Poligny is officieel als heuvelrit aangeduid en voert het peloton over 156,5 kilometer richting Frankrijk.
Dominantie Wiebes zorgt voor dubbel gevoel
De overmacht van Wiebes is in de eerste plaats een teken van uitzonderlijke klasse. Ze combineert pure snelheid met het vermogen om heuvelachtige finales te overleven, waardoor ze veel meer wedstrijden kan winnen dan een traditionele sprintster.
Tegelijkertijd zorgt haar dominantie voor een sportief vraagstuk. Wanneer andere ploegen nauwelijks geloven dat ze Wiebes kunnen verslaan, zullen zij minder snel helpen om een ontsnapping terug te halen. Dat kan het koersverloop veranderen en het aantal echte massasprints beperken.
Voor Van Gucht en Beyen is de boodschap daarom duidelijk: het vrouwenwielrennen heeft dringend behoefte aan een nieuwe topsprintster die Wiebes regelmatig het vuur aan de schenen kan leggen.