Domen Novak, ploegmaat en trouwe helper van Tadej Pogacar
bij UAE Team Emirates XRG, heeft gereageerd op de steeds vaker gemaakte
vergelijkingen tussen Pogacar en het jonge Franse talent Paul Seixas. In een
gesprek met het Sloveense medium Siol erkende Novak dat Seixas op jonge
leeftijd al bijzonder sterk is, maar hij gaf tegelijk een duidelijke
waarschuwing.
Vergelijkingen met Pogacar
Seixas maakte onlangs indruk door tweede te worden in de
Strade Bianche, achter Pogacar zelf. Dat resultaat heeft de discussie
aangewakkerd over zijn enorme potentieel en de gelijkenissen met de Sloveense
wereldkampioen. Volgens Novak is het begrijpelijk dat die vergelijking gemaakt
wordt. “Die jongen heeft ontzettend veel talent,” zei hij. “Iedereen wil hem
meteen naast Tadej plaatsen. Als je puur naar de leeftijd kijkt, is hij zelfs
beter dan Tadej toen hij negentien was.”
Andere tijd, andere aanpak
Toch benadrukt Novak dat de omstandigheden waarin jonge
renners vandaag doorbreken sterk verschillen van vroeger. Pogacar had volgens
hem een heel andere voorbereiding in zijn jonge jaren. “Voor zover ik weet ging
Tadej op zijn negentiende nog niet op hoogtestage. Hij reed toen bij het team
Gusto Ljubljana,” vertelde Novak. “Hij won zijn eerste Tour terwijl hij pizza
at, bier dronk en PlayStation speelde.” Novak reed in 2020, het jaar waarin
Pogacar zijn eerste Tour de France won, overigens nog niet bij UAE Team
Emirates. Voor hem onderstrepen die verhalen vooral hoe uitzonderlijk het
talent van Pogacar is. (lees verder onder de afbeelding)
Moderne talenten staan onder druk
Volgens Novak zijn jonge renners tegenwoordig veel
professioneler voorbereid. Ze trainen al op jonge leeftijd op hoogte, volgen
strikte schema’s en zijn gewend om lange periodes van huis te zijn. “De nieuwe
generatie heeft al enorm veel ervaring wanneer ze bij de profs komen,” legde
hij uit.
Toch ziet hij ook een mogelijke keerzijde aan die
ontwikkeling. “Alles is vandaag extreem professioneel, wat natuurlijk
fantastisch is. Maar ik vraag me soms af welke mentale prijs daarvoor betaald
wordt. Renners worden op hun negentiende of twintigste al enorm gepusht. Ik
weet niet of ze dat tempo tot hun dertigste kunnen volhouden.”
(Bron: Siol - Intro-afbeelding: screen grab YouTube)