Nog minder dan een week en het wielerpeloton staat aan de
start van Milaan-Sanremo, het eerste monument van het seizoen. Mathieu van der
Poel behoort opnieuw tot de grote favorieten, maar weet dat hij vooral rekening
moet houden met wereldkampioen Tadej Pogacar.
Twee verschillende overwinningen
Van der Poel won Milaan-Sanremo vorig jaar voor de tweede
keer in zijn carrière, maar zijn overwinning kwam op een heel andere manier tot
stand dan bij zijn eerste triomf. Bij die eerdere zege maakte hij het verschil
met een krachtige aanval op de Poggio, waarna niemand hem nog kon bijhalen. In
de meest recente editie speelde de wedstrijd zich anders af. Toen probeerde
Pogacar de koers al eerder open te breken.
Aanval op de Cipressa
De Sloveen trok vorig seizoen stevig door op de Cipressa en
probeerde daar een beslissend verschil te maken. Uiteindelijk konden alleen Van
der Poel en Filippo Ganna zijn versnelling volgen. In de finale bleek Van der
Poel echter de sterkste en hij won de sprint van het kleine groepje.
Nog vroeger koers maken?
Sommigen verwachten dat de wedstrijd dit jaar misschien nog
eerder openbreekt. Van der Poel gelooft daar zelf niet echt in. “Ze hebben al
eens geprobeerd om op de Capi de koers echt zwaar te maken,” vertelde hij aan Sporza.
“Maar uiteindelijk hebben ze zichzelf daar vooral mee opgeblazen. Daarom denk
ik niet dat dat dit jaar opnieuw zal gebeuren.”
Pogacar blijft een gevaar
Toch beseft de Nederlander dat Pogacar op termijn zeker
Milaan-Sanremo kan winnen. Volgens Van der Poel was het vorig jaar al bijzonder
close. “Als ik één procent minder goed ben, dan rijdt Tadej op de Cipressa
gewoon weg,” zegt hij. “Het is volgens mij slechts een kwestie van tijd voordat
hij die koers wint.”
De voorbije twee jaar moest Pogacar genoegen nemen met een
derde plaats in La Primavera. In 2024 ging de overwinning naar Jasper Philipsen
na een sprint, terwijl Van der Poel vorig jaar opnieuw de sterkste bleek na
zijn eerdere zege in 2023.
(Intro-afbeelding: screen grab YouTube)