De woordenwisseling tussen
Remco Evenepoel en Florian Lipowitz blijft voor beroering zorgen in de
Tour de France. Na de zesde etappe uitte Evenepoel openlijk zijn frustratie over zijn Duitse ploeggenoot.
Voormalig winnaar van de groene trui Eddy Planckaert vindt vooral de manier waarop de Belg zijn ongenoegen naar buiten bracht ongepast en spaart hem niet in zijn kritiek.
"Hij laat zich te sterk door zijn emoties leiden!"
Evenepoel had Lipowitz gevraagd om in de laatste kilometer de sprint voor de derde plaats voor hem voor te bereiden. De Duitser ging daar niet op in, waarna Evenepoel als vierde eindigde en vier bonificatieseconden misliep. De Belg wees erop dat hij eerder tijdens de Ronde van Catalonië tientallen kilometers voor Lipowitz had gewerkt en verwachtte daarom dezelfde steun terug.
Planckaert noemt Evenepoel een fantastische renner, maar vindt dat hij zich soms te sterk door zijn emoties laat leiden. De voormalige prof begrijpt niet waarom de onenigheid meteen voor de camera’s werd uitgevochten. “Zoiets zeg je gewoon niet”, oordeelt hij. Daarbij verwijst hij naar een levensles van zijn moeder: “Voor je je mond opendoet, moet je zeven keer je tong draaien.”
"Kampioenen slaan altijd terug"
Volgens Planckaert kan de publieke uithaal bovendien gevolgen hebben voor de samenwerking tijdens de rest van de Tour. Hij vermoedt dat Lipowitz extra gemotiveerd zal zijn om zich in de zware bergetappes te bewijzen. “Kampioenen slaan altijd terug”, waarschuwt hij. Ook vraagt hij zich af hoe de leiding van Red Bull-BORA-hansgrohe tegen de verklaringen van haar Belgische kopman aankijkt.
Evenepoel en Lipowitz hebben de kwestie ondertussen intern besproken. Evenepoel verklaarde een dag later dat alles was uitgepraat en dat de ploeg vooruit moest kijken, omdat de Tour niet wacht.
Sportief lijkt de samenwerking voorlopig hersteld: na de twaalfde etappe stond Evenepoel derde in het algemeen klassement en Lipowitz zesde. Daardoor beschikt de ploeg in de beslissende bergritten nog altijd over twee belangrijke troeven. (intropic:
Grinta!)