Tadej Pogacar heeft opnieuw geschiedenis geschreven in de
Strade Bianche. De Sloveense wereldkampioen reed 78 kilometer solo en pakte zo
zijn vierde overwinning in de Italiaanse klassieker. Daarmee wordt hij ook
alleen recordhouder in de wedstrijd. De jonge Fransman Paul Seixas (19)
eindigde bij zijn debuut knap tweede. Met Gianni Vermeersch en Wout van Aert
eindigden er ook twee Belgen in de top tien.
Aanval op Monte Santa Marie
De beslissende aanval van Pogacar kwam op de gravelstrook
van Monte Santa Marie, een van de zwaarste punten van het parcours. “Ik had
vandaag echt een heel goede dag”, vertelde Pogacar na afloop. “Op Monte Santa
Marie deed ik een van mijn beste inspanningen en ik kon doortrekken met goede
benen.” Volgens de wereldkampioen blijft de wedstrijd een van de mooiste op de
kalender. “Het is een plezier om hier te rijden. Er is denk ik geen mooiere
plek om te finishen dan in Siena.”
Rugpijn tijdens de solo
Tijdens zijn lange solo kreeg Pogacar het onderweg ook zwaar
te verduren. “Mijn rug begon pijn te doen door de inspanningen bergop”, gaf hij
toe. “We trapten hoge wattages op het gravel.” De Sloveen moest zelfs even
lachen om zijn eigen gedachte tijdens de aanval. “Ik dacht: ik begin oud te
worden, want de jonge renners zaten achter mij aan.” (lees verder onder de afbeelding)
Lof voor jonge Seixas
Pogacar had na afloop ook veel respect voor Paul Seixas, die
tweede werd bij zijn eerste deelname aan de koers. “Hij is een ongelooflijk
sterke renner en vandaag heeft hij getoond dat hij echt kan koersen”, zegt
Pogacar. “We gaan nog veel van hem zien.”
(Bron: VTM, HLN – Intro-afbeelding)