De eerste rit van de
Tour de France lijkt op papier een strijd tussen de grote klassementsploegen van Tadej Pogačar, Jonas Vingegaard en Remco Evenepoel. Maar door het nieuwe format van de ploegentijdrit in Barcelona kan juist een outsider toeslaan. Niet per se de sterkste ploeg over acht man, maar de ploeg met één renner die in de finale nog iets extra’s heeft.
De reden is simpel: de ritzege wordt bepaald door de tijd van de eerste renner van elke ploeg, terwijl voor het algemeen klassement elke renner zijn eigen individuele tijd krijgt. De Tour-organisatie bevestigt dat deze formule is overgenomen uit onder meer Parijs-Nice, waardoor het geen klassieke ploegentijdrit wordt waarin iedereen zo lang mogelijk samen moet blijven.
Waarom outsiders meer kans krijgen
In een traditionele ploegentijdrit telt vooral de collectieve machine. In Barcelona ligt dat anders. Ploegen kunnen deze nieuwe variant meer als een lead-out benaderen: de ploeg brengt de kopman of sterkste tijdrijder zo ver mogelijk, waarna die in de finale zelf doortrekt.
Dat maakt de rit bijzonder interessant voor ploegen zonder uitgesproken Tour-favoriet. Zij hoeven niet per se een klassementsman te beschermen tot de finish. Ze kunnen alles zetten op de snelste finisher. En precies daar komen namen als Filippo Ganna, Joshua Tarling, Tobias Foss, Kévin Vauquelin, Mads Pedersen, Mathias Vacek, Kasper Asgreen en Mathieu van der Poel in beeld.
Netcompany-Ineos: Ganna, Tarling of toch Vauquelin?
De meest logische outsiderploeg is
Netcompany-Ineos, al is “outsider” misschien te voorzichtig. De ploeg start met Filippo Ganna, Tobias Foss en Joshua Tarling, aangevuld met onder meer Thymen Arensman, Michał Kwiatkowski en Kévin Vauquelin.
IDL Pro Cycling noemt Ineos zelfs de ploeg die er op basis van de tijdritkwaliteiten het meest uitspringt, met Ganna, Tarling en Foss als internationale tijdritkampioenen. Cyclingnews ziet hetzelfde gevaar: Ineos heeft geen uitgesproken topfavoriet voor het algemeen klassement en kan daardoor rijden voor ritwinst en geel met wie zich het sterkst voelt.
Ganna is de naam die meteen opvalt. Op de vlakke eerste kilometers is hij misschien de beste motor van het peloton. De vraag is alleen of hij de klim naar Montjuïc snel genoeg verteert. Daarom zijn ook Vauquelin en Arensman interessant: zij combineren tijdritvermogen met meer punch bergop.
Lidl-Trek en Alpecin als gevaarlijke schaduwfavorieten
Ook Lidl-Trek verdient aandacht. Met Juan Ayuso, Mads Pedersen, Mattias Skjelmose, Toms Skujins en Mathias Vacek heeft de ploeg meerdere renners die hard kunnen rijden én een oplopende finale aankunnen. Pedersen is niet de pure klimmer van Pogačar of Vingegaard, maar in een explosieve inspanning na een ploeglead-out kan hij gevaarlijk zijn.
Bij Alpecin-Premier Tech draait alles rond Mathieu van der Poel. Zijn ploeg heeft met Jasper Philipsen, Silvan Dillier, Jonas Rickaert en Edward Planckaert voldoende kracht om hem lang te lanceren. Als Van der Poel in de laatste kilometer nog in positie zit, is hij precies het type renner dat zo’n nieuw format kan misbruiken. (lees verder onder de afbeelding)
Let ook op Asgreen en Wærenskjold
Nog dieper in de outsiderlaag zitten Kasper Asgreen bij EF Education-EasyPost en Søren Wærenskjold bij Uno-X Mobility. Asgreen krijgt bij EF steun van onder meer Ben Healy, Michael Valgren en Max Walker. Wærenskjold staat bij Uno-X aan de start in een ploeg met onder meer Magnus Cort, Tobias Halland Johannessen en Jonas Abrahamsen.
Zijn hun ploegen sterk genoeg om de grote blokken te kloppen? Dat is de twijfel. Maar door dit format hoeft zo’n ploeg niet perfect met acht man te finishen. Eén sterke renner die goed wordt afgezet aan de voet van Montjuïc kan al genoeg zijn voor een verrassende toptijd.
De outsider kan geel pakken
De favorieten blijven de ploegen van Pogačar, Vingegaard en Evenepoel. Maar de ploegentijdrit in Barcelona is geen gewone collectieve test. De eerste renner telt, individuele tijden tellen mee, en de slotklim maakt brute kracht alleen niet genoeg.
Daarom kan deze rit zomaar een naam opleveren die niet bovenaan elk favorietenlijstje staat. Ganna is de meest logische outsider, Tarling de pure motor, Vauquelin de slimme afmaker en Van der Poel de gevaarlijkste joker. In dit format hoeft een outsider niet de beste ploeg van de Tour te hebben. Hij moet alleen op het juiste moment als eerste over de streep komen.