Toon Aerts is op zijn 32ste aan een bijzonder nieuw hoofdstuk begonnen. De veldrijder van Lotto-Intermarché rijdt voor het eerst in zijn carrière een grote ronde en hoopt dat de Giro d’Italia hem als renner nog een stap vooruit kan helpen.
Vorig jaar maakte Aerts al kennis met het wegwielrennen, maar dit seizoen kreeg hij een veel uitgebreider programma. Met deelnames aan de Ronde van Vlaanderen, Parijs-Roubaix én nu de Giro wordt zijn motor stevig op de proef gesteld.
Toon Aerts rijdt eerste grote ronde
Voor Aerts is de Giro een sprong in het onbekende. De Ronde van Catalonië, met zeven ritten, was tot voor kort de langste rittenkoers die hij ooit reed. Nu wacht plots een koers van drie weken.
Dat verschil voelt hij elke dag. In het veldrijden draait alles om ongeveer één uur volle inspanning. Op de weg is het verhaal helemaal anders. Zeker in monumenten moet je urenlang zo zuinig mogelijk rijden, om pas in de finale echt te kunnen meedoen.
Groot verschil met veldrijden
Aerts merkt vooral dat de absolute toppers op de weg nog over iets extra beschikken na uren koers. Renners als Tadej Pogacar, Wout van Aert en Mathieu van der Poel kunnen na een lange aanloop nog altijd hun hoogste wattages trappen.
“Nadien begint de koers pas en moet je nog volle gas proberen gaan. Dat kan ik niet, in tegenstelling tot Pogacar, Wout en Mathieu die dan nog hun hoogste wattages kunnen leveren”, zegt Aerts bij HLN. Voor hem is dat precies de reden waarom de Giro belangrijk kan zijn. Drie weken koers moeten zijn uithouding en basisvermogen verder vergroten.
Eerste indruk in Vlaanderen en Roubaix
Ondanks zijn beperkte ervaring op de weg deed Aerts het in zijn eerste grote klassiekers al behoorlijk. In de Ronde van Vlaanderen eindigde hij als 33ste, in Parijs-Roubaix als 38ste. Vooral dat laatste resultaat geeft hem vertrouwen. In Roubaix kreeg hij bovendien af te rekenen met pech, want al op de tweede kasseistrook reed hij lek. Zonder die tegenslag had er mogelijk nog iets meer ingezeten. (lees verder onder de afbeelding)
Aerts droomt van top twintig in Parijs-Roubaix
Aerts wil zichzelf niet vergelijken met de allergrootsten, maar Parijs-Roubaix heeft wel iets losgemaakt. Net zoals Wout van Aert na zijn eerste Roubaix voelde dat die koers hem lag, heeft ook Aerts het gevoel dat hij daar nog kan groeien.
“Ik ga hier zeker niet zeggen dat ik ooit naar Roubaix zal gaan om te winnen, maar ik voel wel dat ik er top twintig moet kunnen rijden”, klinkt het. Daar ligt voorlopig zijn grote ambitie op de weg: geen wilde uitspraken over winst, wel een realistisch doel dat perfect past bij zijn profiel.
Giro moet motor groter maken
Voor Aerts is deze Giro dus meer dan zomaar een deelname. Het is een investering in de toekomst. Door drie weken lang koershardheid op te doen, hoopt hij sterker te worden in de wedstrijden die hem het best liggen.
“Ik hoop die extra stap te kunnen zetten door in deze Giro mijn motor nog wat uit te boren”, besluit hij. Als die aanpak werkt, kan Toon Aerts binnenkort niet alleen in het veld, maar ook op de kasseien een steeds serieuzere naam worden.
VOLGTIP: mis geen enkele Wielerplaza-update meer
Fan van onze content? Zet Wielerplaza als
favoriete bron in Google Nieuws en krijg onze strafste artikels gewoon tussen je dagelijkse nieuwsoverzicht.
Volg ons hier...